Algemeen

1.4 Beslispunten rekening

Voorgestelde besluiten 1 en 2
Ingevolge artikel 197 en 198 van de Gemeentewet legt het college aan de raad over elk begrotingsjaar verantwoording af over het door haar gevoerde bestuur, onder overlegging van de jaarrekening en het jaarverslag. De raad stelt de jaarrekening en het jaarverslag vast in het jaar volgend op het begrotingsjaar.

Beslispunt 1: De jaarstukken 2025 vast te stellen.

Beslispunt 2: Het rekeningresultaat van € 4,337 miljoen positief (begroot € 6,613 miljoen positief) toe te voegen aan de algemene reserve.

3. Fasering Investeringsbudgetten
Verschuivingen van uitgaven in een investeringsbudget tussen jaarschijven (fasering) en hiermee samenhangende reservemutaties zijn toegestaan zonder specifiek raadsbesluit bij de jaarstukken mits het totale investeringsbudget niet wordt overschreden, de fasering maximaal 3 jaar betreft en de uitgaven passen binnen de met de raad afgesproken prestaties waarvoor het budget is verstrekt (verordening 212).

Het restant van de toegekende investeringsbudget bedraagt eind 2025 € 13,090 miljoen.
Hiervan moet € 12,512 miljoen aan investeringsbudget beschikbaar worden gehouden voor besteding vanaf 2026. De fasering past binnen de randvoorwaarden van de verordening 212, zodat de begroting 2026 meerjarig kan worden gewijzigd voor de in hoofdstuk 1.3 "Investeringsbudget" genoemde bedragen.

Beslispunt 3: De begroting meerjarig te wijzigen voor de in hoofdstuk 1.3 “Investeringsbudget” vermelde mutaties.

4. Budgetoverheveling
In hoofdstuk 1.3 "Rekeningresultaat" staan enkele onderwerpen benoemd waarvan de besteding vertraging heeft opgelopen. Dit betekent dat dit jaar minder is besteed dan begroot. De toelichting staat vermeld op de programma's. Dit voordeel in 2025 betekent dat komend jaar extra benodigd budget is van dezelfde omvang. In 2026 leidt dit tot een onttrekking aan de algemene reserve van € 2,084 miljoen.

Beslispunt 4: Via resultaatbestemming € 2,084 miljoen aan budget over te hevelen en de begroting 2026 te wijzigen voor de in hoofdstuk 1.3 “Budgetoverheveling” vermelde bedragen, inclusief daarmee samenhangende mutaties met reserves en investeringen.

5. Opheffen reserves
Via dit beslispunt wordt voorgesteld de reserves "Bedrijventerrein Amstelveen Zuid" (€ 4,093 miljoen), "Innovatiefonds Zorg en Welzijn Amstelveen" (saldo € 88.000) en "Nieuwbouw HWC" (saldo € 21.000) op te heffen. De bevoegdheid voor het instellen en opheffen van bestemmingsreserves ligt bij de raad.

Beslispunt 5: De reserves "Bedrijventerrein Amstelveen Zuid" (€ 4,093 miljoen), "Innovatiefonds Zorg en Welzijn Amstelveen" (saldo € 88.000) en "Nieuwbouw HWC" (saldo € 21.000) op te heffen en dit te verwerken in de begroting 2026.

6. Lokaal werkbudget Oekraïne
Bijlage "6.4 Lokaal werkbudget Oekraïne" bevat een actualisatie van de toegekende en benodigde budgetten vanaf 2026. Via dit beslispunt wordt voorgesteld de begroting 2026 en verder te actualiseren. Via beslispunt 3 wordt voorgesteld € 997.000 over te hevelen naar 2026. Hiervan betreft € 170.000 een toegekend budget (zie programma 5) en het restant van € 827.000 kan ingezet worden voor nieuwe aanvragen.

Beslispunt 6: De in hoofdstuk "6.4 Lokaal werkbudget Oekraïne" vermelde mutaties uit het Lokaal werkbudget Oekraïne vaststellen en de begroting 2026 en verder te wijzigen conform de in dit overzicht opgenomen uitgaven en inkomsten.

7. ICT uitvoeringsprogramma
In 2025 resteert op het uitvoeringsprogramma ICT € 1,1 miljoen door het vervallen van een groot gepland vervangingsproject. Voorgesteld wordt om het saldo van € 1,1 miljoen te storten in de egalisatiereserve "Samenwerking AA", zodat dit bedrag in de komende jaren ingezet kan worden voor gemeenschappelijke ICT projecten voor beide gemeenten. In de overzichten van de programmarekening 2025 is deze mutatie al verwerkt. Afwijken van dit beslispunt betekent dat de mutatie gecorrigeerd moet worden.

Beslispunt 7: Het saldo op het uitvoeringsprogramma ICT van € 1,1 miljoen te storten in de egalisatiereserve "Samenwerking AA" om in de komende jaren in te kunnen zetten voor gemeenschappelijke ICT projecten voor de gemeenten Aalsmeer/Amstelveen.

8. Zwerfvuilbestrijding
In de laatste week van 2025 is een subsidie 2023/2024 ontvangen voor activiteiten ter voorkoming van zwerfvuil. Dit komt voort uit de Uitgebreide Producenten Verantwoordelijkheidsregeling. Het bedrag is laat ontvangen door een vertragende factor vanwege het innen van de bedragen bij de fabrikanten en het berekenen van de percentages door de centrale overheid. Via dit beslispunt wordt voorgesteld de subsidie in te zetten voor extra campagnes in 2026 die gericht zijn op preventie en bestrijding van Zwerfvuil in Amstelveen. Dit moet mede in het licht worden bezien van de onlangs ingediende motie ‘voorkomen is beter dan opruimen’.

Beslispunt 8: De subsidie 2023/2024 voor zwerfvuilbestrijding van € 360.000 te reserveren voor activiteiten in 2026 en de begroting 2026 hiervoor te wijzigen.

9. Reserve "Grote projecten" splitsen in reserve "Grote projecten", reserve "A9 zone" en reserve "Nieuw Legmeer", alsmede het saldo van de reserve "Toekomstige gemeentelijke investeringen A9" toevoegen aan de nieuw te vormen reserve "A9 zone" waarna de reserve "Toekomstige gemeentelijke investeringen A9" kan worden opgeheven.
De gebiedsontwikkeling "Nieuw Legmeer" en "A9 zone" krijgt steeds meer vorm en de bedragen die hiermee gemoeid zijn worden omvangrijk. Voor een goede administratieve verwerking wordt voorgesteld de reserve "Grote projecten" te splitsen, zodat voor beide gebiedsontwikkelingen de financiële ontwikkeling beter kan worden gevolgd. De bestaande reserve "Toekomstige gemeentelijke investeringen A9" heeft hetzelfde doel als de nieuw te vormen reserve "A9 zone". Via beslispunt 11 wordt voorgesteld de verordening 212 aan te passen, zodat de nieuwe reserves hetzelfde regime volgen als de reserve "Grote projecten".

Beslispunt 9: Ingaande 1 januari 2026 de reserve "Grote projecten" splitsen in reserve "Grote projecten", reserve "A9 zone" en reserve "Nieuw Legmeer", alsmede dit te verwerken in de begroting 2026 .

Beslispunt 10: Ingaande 1 januari 2026 het saldo van de reserve "Toekomstige gemeentelijke investeringen A9" toe te voegen aan de reserve "A9 zone" waarna de reserve "Toekomstige gemeentelijke investeringen A9" kan worden opgeheven, alsmede dit te verwerken in de begroting 2026 .

10. Verordening 212 aanpassen voor reserve "Stedelijke vernieuwing", "A9 zone" en "Nieuw Legmeer"
In de verordening 212 worden enkele reserves benoemd waarbij het is toegestaan om een hogere werkelijke mutatie dan begroot te onttrekken aan de reserve. Hierbij geldt wel de randvoorwaarden dat de mutatie voldoet aan het doel van de reserve en het saldo van de reserve niet negatief wordt. Voorgesteld wordt aan deze limitatieve lijst de reserves "Stedelijke vernieuwing", "A9 zone" en "Nieuw Legmeer" toe te voegen.

De reserve “Stedelijke vernieuwing” is na besluitvorming van de Perspectiefnota 2025 (met name) bedoeld voor het afdekken van het risicoprofiel van Legmeer. Dit is dezelfde functie als de reserve "Grote projecten" (zie artikel 5 lid 6i). Bij de volgende actualisering van de verordening 212 wordt de wijziging toegevoegd. Wel is deze van kracht vanaf 1 januari 2026.

Tevens wordt voorgesteld de bij beslispunt 8 vermelde nieuwe reserves "A9 zone" en "Nieuw Legmeer"  aan deze limitatieve lijst toe te voegen.

Beslispunt 11: Ingaande 1 januari 2026 aan artikel 5 lid 6 van de verordening 212 de reserves "Stedelijke vernieuwing", "A9 zone" en "Nieuw Legmeer" toe te voegen en dit te verwerken in de eerstvolgende actualisatie van de verordening 212.

Deze pagina is gebouwd op 04/30/2026 10:09:22 met de export van 04/30/2026 09:42:44